Technieken

Ik werk met verschillende behandelvormen of combinaties daarvan. Ik maak hierbij gebruik van mijn medische kennis en begeleid het individuele bewustwordingsproces. Kenmerkend voor mijn massages is mijn rustige en aandachtige aanraking.

Klassieke massage incl. triggerpoints
De klassieke massage is één van de oudste massagevormen en richt zich voornamelijk op de spieren. Er wordt gewerkt met verschillende technieken zoals strekkingen, knedingen en het uitoefenen van druk. Het richt zich op plaatselijke symptomen van de huid, spieren, bindweefsel, gewrichten, periost (beenvlies) en lymfevatstelsels. De massage beïnvloedt de spierspanning, bloedcirculatie en verbetert de stofwisseling van het lichaam.

Haptische massage
Deze massage komt voort uit de haptonomie en betekent ‘de wijze van het aanraken’.

Haptische massage leert je dichter bij je gevoel te komen om van daaruit beter keuzes te kunnen maken op welk vlak dan ook. Het helpt je een betere balans te vinden tussen denken en voelen wat leidt tot een beter functioneren op elk gebied.

Polariteitsmassage
Deze massage is gericht op de energie in en om ons lichaam. Energie wil graag vrij stromen, maar kan verstoord raken door onder andere woede, verdriet, schrik, angst, pijn en dit zorgt ervoor dat energie zich gaat vastzetten (geblokkeerd raakt). In deze massagevorm is de aandacht gericht op het ervaren van de energiestromen in je lichaam zoals bijvoorbeeld koude, warmte, pijn, tintelingen, afgeslotenheid, openheid of weerstand.

Voetreflex massage
Op de voeten bevinden zich reflexzones die corresponderen met lichaamsdelen, spieren en organen. Bij deze massagevorm wordt de voet als spiegel van de volledige mens gezien. Door het masseren van de voeten en het behandelen van de gevoelige zones ontstaat de mogelijkheid om bewust te worden van wat er speelt. Daarnaast heeft de behandeling invloed op de bloedsomloop, de lymfestroom en de meridianen (energiekanalen). Ze zet aan tot een verbeterde circulatie die een gunstig effect heeft op de aanvoer van belangrijke voedingsstoffen en de afvoer van afvalstoffen.

Bindweefselmassage
Bindweefselmassage gaat uit van het principe dat overal in het lichaam zenuwbanen zitten die hun uiteinden hebben in voeten, handen en oren. Deze uiteinden corresponderen met alle klieren, organen en andere delen van het lichaam. De behandeling bestaat uit het losmaken van alle lagen van oppervlakkig naar diep. De massagehandelingen maakt het bindweefsel weer los. Met duim en vingers worden de “reflexzones” bewerkt om de doorbloeding te verbeteren, blokkades in het zenuwstelsel op te heffen, opgehoopte afvalstoffen af te voeren en het natuurlijke evenwicht weer te herstellen (homeostase).

Pulsing
Pulsing is een zachte behandelwijze waarbij het lichaam op een natuurlijke manier in beweging wordt gebracht. De techniek bestaat uit het wiegen en zachtjes strekken van het lichaam in een bepaald ritme. Door de doorgaande beweging van het pulsen wordt alles in je lichaam aangeraakt en in beweging gebracht.

Focussen
Focussen is het scherpstellen van het gevoel in uw lichaam over een situatie die speelt. Doordat u contact maakt met het gevoel in uw lijf, het beschrijft en het met behulp van vragen uitnodigt, kan duidelijk worden wat er aan de hand is. Het geeft richting van binnenuit. En met het boven komen van de betekenis en de richting verandert het gevoel zelf; er komt ruimte, er valt iets ‘op zijn plek’ of ‘het kwartje valt’. Dit is direct waar te nemen als opluchting, ontspanning en/of een toename van energie. Er kan tevens gevoeld worden wat een juiste volgende stap kan zijn.

Coaching
Coaching is gericht op een specifieke vraag. Coaching is naast gedrag sterk resultaat gericht. Een coachtraject is kort, vaak maar enkele gesprekken en kan ingaan op een probleem op het werk maar ook privé.

Supervisie
Supervisie is een krachtig instrument om kwaliteiten te verbeteren. Het is gericht op het bewust leren hanteren van de beroepsmethodiek en helpt de professionaliteit uit te bouwen en actueel te houden. Het zelflerend vermogen van de supervisant ontwikkelt door te reflecteren op situaties waar hij of zij in het werk tegenaan loopt. Niet het probleem staat centraal, maar de manier hoe je er mee omgaat.